LocClass 66

De class 66 is een goederenlocomotief. Voortgekomen uit veranderingen op het Engelse spoor. Tijdens de privatiserings in 1996 werden een aantal locomotieven van British Rail verkocht. Wisconsin Central Transportation Systems, het latere English Welsh & Scottish (EWS)) kocht een aantal van de geprivatiseerde bedrijven: Transrail, Mainline, Loadhaul, Railfreight Distribution en Rail Express Systems.

Hiermee kreeg WCTS ruim 93% van al het Britse goederenvervoer in handen. Dit bestond uit een vloot van rond de 1600 locomotieven, het merendeel op diesel. Veel van deze locs waren al meer dan 30 jaar oud, en ruim 300 locomotieven waren al geplunderd voor reserve onderdelen.

Deze oude locs (waaronder de Class 47) hadde iedere 7 jaar een onderhoudsbeurt nodig van 450000 Euro. En dan nog, haalden ze nog geen inzetbaarheid van 65%. Gemiddeld hadden deze locs iedere 16 dagen een major storing.



LocBetrouwbaarheid

Het onderdeel EWS beschikte al over de class 59 van Electro-Motive Diesel (EMD). Deze had wel een goede operationele betrouwbaarheid en redelijke onderhoudskosten. De Canadese fibrikant stelde, op basis van de aanvullende specificaties, het eigen model JT42CWR voor. Hetzelfde platform als de Class 59 maar dan met motoren welke een hogere snelheid aankunnen en met de self-steering bogie. Dit zelfsturend onderstel, was al populair in Amerika, door de lagere slijtage aan de rails en meer grip in de bochten. Dit werd de class 66.

De fabrikant EMD garandeerde voor iedere loc een operationele beschikbaarheid van 95%, met een minimale downtijd tussen major problemen van een half jaar. De class 66 is gebouwd op 1.6 miljoen kilometer tussen grote onderhoudsaanpassingen, dit is ongeveer een periode van 18-20 jaar. Een update zal dan nog slechts ongeveer 250000 Euro kosten.

EWS bestelde 250 locomotieven. Waarna in 1998 Freightliner, GB Railfreight en Direct Rail Services volgden. De locs werden bij EMD gebouwd in London, Ontario, Canada.

Al in Juni 1998 werd de eerste locomotief geleverd voor testen. In de periode tot December 2001 werden er iedere maand 11 locomotieven geleverd. De locs werden compleet bevoorraad geleverd, de EWS engineers hoefden enkel het zeildoek te verwijderen, de transport blokkeringen te verwijderen en de loc kon in de dienst worden opgenomen. De locs werden namelijk geleverd met volledig opgeladen accus en waren volledig afgevuld met water en diesel. Daar kunnen auto dealers nog iets van leren, met hun dure afleverprogramma's.



LocTreinfans

Veel Engelse trein fans zijn niet blij met de Class 66, met name omdat deze locomotieven de grote verscheidenheid aan eerdere modellen en typen hebben vervangen. Veel enthousiasten denken terug aan de tijd van veel verschillende modellen op het spoor en gaven de Class 66 dan ook de bijnaam "The Red Death".

De gebruikers van de Class 66 zijn echter razend enthousiat omdat het model de opgegeven specificaties en garanties ruimschoots waarmaakt.

Daarentegen kregen de treinen de bijnamen "shed" voor de schuurachtige vorm. Waabij de Freightliner varianten dan "Fred" heten als een combinatie van de woorden Freightliner en Shed.



LocEuropa

De class 66 maakt daarna de overstap naar het continent. Momenteel rijden er treinen in België, Duitsland, Luxenburg, Zweden, Noorwegen, Denemarken, Frankrijk, Polen, Tsjechië, Italië en Nederland.

In Nederland rijdt ondermeer Captrain met de Class 66, zie hier

De class 66 is dus een doorontwikkeling vanuit de class 59 modellen vanuit Engeland. De formele type-aanduiding is JT42CWR. In Duitsland gebruikt men de aanduiding Baureihe 266 voor dit type.

De locs van het Franse Euro Cargo Rail (ECR) worden class 77 genoemd, en in Duitsland Baureihe 247.



Copyright 2020 www.punthooft.nl
We do not collect cookies for advertisement. Your data is never send to third parties.